Wat zegt Meester Morya over ... ?

De boeken en teksten van Meester Morya staan vol talloze inzichten over heel verscheidene onderwerpen. Op deze pagina laten we je grasduinen in stukjes over een aantal interessante thema's (kies uit de lijst aan de linkerkant). In de meeste gevallen zijn deze fragmenten slechts een selectie; in de boeken zelf vind je nog (veel) meer!

Sterven en de dood

Wijsheid 2Morya symboolEr zit een heel grote ontwikkeling in dit lichaam dat meegaat met deze aarde. Omdat hij de aarde niet begrijpt, begrijpt de mens het kleine stukje aarde waar hij aan vastzit ook niet. Hij zit niet alleen vast aan die heel grote aarde, maar ook aan dat kleine stukje, dat kluitje aarde wat hij zelf is, die lichamelijkheid die hij heeft. Daar moet hij naar durven kijken en mee durven leven. Hij moet dat kneedbaar instrument - want het is kneedbaar - ook als dusdanig proberen te benaderen. Hij moet ontevreden kunnen zijn met de dingen die lichamelijk in hem zijn en tegelijk daarmee zelfs heel diep tevreden en gelukkig kunnen zijn.

Een groei van levens

Dus daarin zit weer een enorme tegenstelling die Ik hier even duidelijk maak. Want als je naar je lichaam kijkt, kan je zien dat dit lichaam niet af is, dat het in een groei zit en in een groei van levens. Dat wil Ik heel duidelijk stellen: ondanks dat je dit lichaam aflegt aan het einde van je leven en opneemt op het moment van de geboorte - of de conceptie, beter gezegd - waardoor het een vorm zal krijgen, op het moment dus dat je het opneemt en weer aflegt, heb je nog altijd andere lichamen die in verband staan met dit lichaam dat je nu hebt. Het lichaam is wel afgelegd bij de dood maar het laat zijn sporen na. De hele informatie die er in dit lichaam zit, wordt opgenomen in de ziel en iedere keer dat je een nieuw lichaam zal aannemen op deze aarde in een nieuwe incarnatie, zit daar het hele ervaren opnieuw in. Het ervaren gaat over de levens mee ondanks het feit dat je voortdurend nieuwe lichamen gaat betrekken en bewonen. Je lichaam gaat naar een veredeling, verfijning, vereeuwiging, want uiteindelijk zal je in staat zijn dit lichaam zelf af te breken en op te bouwen. Je kan zeggen: “Hoe is het mogelijk dat ik daartoe in staat zal zijn?” maar dat zal zijn vanuit de kennis van je ziel waar je ondertussen één mee geworden zal zijn. De ziel die meegaat over de levens heen, van leven tot leven, en voortdurend, neemt een kennis op waar je niet bij kan, die haar eigen kennis is.

De heel grote stap die ieder mens moet proberen te zetten in zijn leven

De mens, als hij eerlijk is met zichzelf, kan op elk moment van zijn leven ondervinden dat er iets is wat veel groter en oneindig is in zichzelf. Om dit te beseffen moet hij geen wetenschappelijk onderzoek gaan voeren, maar moet hij in de diepte van zichzelf vertrouwen krijgen. Want het vertrouwen zal hem de weg wijzen naar oneindigheid. Het is niet de wetenschap die het hem zal leren, het is het vertrouwen. Het vertrouwen is dat wat aansluiting krijgt op het oneindige. Waar de mens tot vertrouwen komt, komt hij open voor oneindigheid, voor het Goddelijke in zichzelf. En dat is de heel grote stap die ieder mens moet proberen te zetten in zijn leven, als hij zijn leven dieper wil maken, dat hij tot een vertrouwen komt in zichzelf.

Op de juiste manier sterven

Ook al gaat het fout, dan moet hij kunnen zien: deze fout is er wel geweest maar dit betekent niet dat ik mijn vertrouwen moet kwijtraken in mijzelf, zelfs in mijn lichamelijkheid. Mijn lichaam zal mij zolang volgen tot ik er genoeg uit heb geleerd. Als ik de indruk krijg van mijzelf dat ik mijn lichaam moet afleggen, moet dat niet zijn vanuit de beweging: ‘ik kan het niet meer aan.’ Neen, dan moet het zijn vanuit de beweging: ‘ik geef het over aan God, ik laat het teruggaan vanwaar het komt en ik ga mijn weg naar het Goddelijke toe.’

Leren vertrouwen

Als je op deze manier kan sterven, als je op deze manier je lichaam kan overgeven aan het Goddelijke en in het Goddelijke kan stappen vanuit het lichaam, kan je onmiddellijk een nieuw begin maken. Want dan kom je in je eigen sfeer en het is heel belangrijk dat je de weg kan vinden vanuit je lichaam naar je eigen sfeer. In die mate dat je vertrouwen krijgt in het leven, zal je vertrouwen krijgen in je eigen mogelijkheden, en zien dat je geleid wordt op momenten dat je het moeilijk hebt.

Fragment uit Morya Wijsheid 2: De weg van eenvoud, blz. 97-100

Wijsheid 3Morya symboolVraag: Kunnen we iets doen voor overledenen? Wat is beter: begrafenis of crematie?

Deze vraag is zeer complex, Ik zal ze later vollediger beantwoorden, maar nu het volgende. Wanneer je met een mens geconfronteerd wordt die naar het sterven toe gaat, zorg dan dat je met hem samen kan zijn in stilte, dat je dus niets zegt en dat je wel aanwezig bent. Het is belangrijk dat je in deze stilte een aandacht hebt voor hem, op hem gefocust bent en dan in je hart het contact met hem maakt. Ga niet in je gedachten maar ga in je hart. Wanneer je in je hart gaat, zal je ondervinden wat die mens nodig heeft. Kijkend vanuit je hart zal je voelen wat hij nodig heeft. Dat kan stilte zijn, dat kan rust zijn, dat kan minder licht zijn, een ander soort licht, lichte muziek, een bepaalde klank, een vrede. Dat kan zijn dat er iemand uit de omgeving weg moet. Dat kan een andere aandacht zijn, dat kan zoveel zijn, maar je zal voelen in je hart wat er moet gebeuren. Dikwijls zal je het met twee of met drie tegelijk voelen. Dat betekent dat degene die aan het sterven is, een proces doormaakt van vrede en verinnerlijking, dat hij daarin begeleid kan worden en dat dit een heel grote betekenis kan hebben.

Het sterven zelf

Wanneer de mens op deze manier begeleid wordt, zal hij ondervinden dat zijn dood zelf een prachtig gebeuren is, een mystiek ervaren, een Godservaren. Dit kan zelfs een zeer grote betekenis hebben voor de aanwezigen of de mensen van de familie. Zelfs voor zij die niet aanwezig konden zijn. Dat betekent dat er een intens contact kan zijn van een grote diepte, en dat dit een wezenlijk moment kan zijn in het leven van de mensen. Het is soms mooier dan de geboorte. Het is een ander soort geboorte.

Wanneer de mens sterft, wordt hij geboren op een andere plaats. Daardoor heeft hij heel veel te regelen. Want wanneer hij aankomt op die andere plaats, is daar een ontvangst, is daar een voorbereiding geweest. Dat is het mooie van de dood, dat het op een zachte manier kan gebeuren en dat het onder begeleiding kan gaan van mensen die in een afscheidssfeer leven en die weten wat de betekenis kan zijn voor iemand die sterft.

Het is een innig moment waarover je niet moet treuren en waarmee je blij moet kunnen zijn voor degene die vertrekt. Want hij zal, eenmaal verlost van het lichaam dat hij verlaat, een andere blik krijgen op de hele toestand. Hij zal van binnenuit, in zijn innerlijk, de mensen kunnen zien in hun ware gedaante, dit wil zeggen met de schittering die zij dragen. Heel veel mensen op deze aarde - zij mogen nog zo klein zijn in hun beroep of van gestalte, of van nog zo weinig betekenis zijn voor de andere mensen - dragen in zich een zeer grote schittering. Dat kan de mens die overlijdt zien, hij ziet zijn verwanten dan ook anders, op een nieuwe manier. Dat brengt in zijn leven en in zijn heengaan dikwijls een aarzeling om van hen weg te gaan. Soms besluit hij zelfs om bij hen te blijven, omdat hij dan pas een echt contact met hen heeft. Soms besluit hij ook om op zijn beurt die mensen te begeleiden.

Als je met het dode lichaam omgaat als met een relikwie, als iets wat overblijft wat het heilige in zich heeft gedragen, dan ben je juist. Je moet zien dat wat er van die mens overblijft, dat dit een rest is, iets waarin zijn aanwezigheid zit en wat voor hem een heel grote betekenis gehad heeft tijdens zijn leven en nog heeft in de dagen van zijn afscheid. Want heel veel gebeurt nog op het moment dat hij sterft. Hij ziet zijn lichaam, maar hij ziet het ook op een andere manier. Hij ziet de functies die dat lichaam heeft voor de anderen, want dat lichaam draagt nog steeds een betekenis voor de anderen. Al kan de betekenis klein zijn, toch heeft het een bepaalde betekenis. Er is dan ook een deel van zijn energie die in dat lichaam achterblijft. Dit is vooral waar wanneer die mens een heilig leven heeft geleefd dat anderen min of meer hebben kunnen zien of ervaren; dan is het lichaam van zeer grote betekenis. De lichamen van de heiligen kunnen een zeer grote betekenis hebben voor deze aarde, en dan zou men bij voorkeur hun lichaam moeten kunnen begraven. Want dit is een blijvende aanwezigheid, de energie blijft daar dan altijd in aanwezig. En het kan een bron van ontdekkingen zijn voor de medemens.

Begraven of cremeren

Het is niet zo dat je het lichaam per se moet begraven. Je kan het lichaam ook laten cremeren, omdat het vuur een zeer grote betekenis heeft als zuiverend element, ook voor deze aarde. Niet dat het lichaam gezuiverd moet worden, maar de aarde heeft dikwijls af te rekenen met ziektekiemen. Wanneer het lichaam door een ziekteproces is gegaan, kan het inderdaad beter zijn het lichaam te cremeren en kan dat voor de gezondheid van deze aarde van groot belang zijn. Het moet telkens anders bekeken worden in functie van zoveel elementen die met de dood te maken hebben en die daarin aanwezig zijn. Vandaar dat er geen algemene regel kan zijn voor deze dingen, dat het ook zeer cultureel bepaald is en daar moet je rekening mee houden. Als het choquerend is voor sommige families om bepaalde dingen te doen met dit dode lichaam, doe dat dan liever niet, pas je dan aan de cultuur aan. Het komt er niet echt op aan, maar je kan wel op de een of andere manier leren omgaan met mensen die sterven en met de resten van dit leven.

Gebeurtenissen rond het sterven

Het is niet zo dat je bang moet zijn voor de situaties die rond het sterven plaatsvinden. Soms kunnen mensen de overledenen zien nadat ze gestorven zijn, en daar zijn ze bang voor. Dat hoeft niet. Het is een echt contact en dan moet je kunnen bidden voor deze mensen. Dikwijls nemen deze mensen die op de aarde blijven een soort afwachtende houding aan, niet wetend wat ze nu eigenlijk willen. Willen ze blijven, omdat ze de mensen anders zijn gaan zien of willen ze doorgaan, omdat er in hen toch een roepstem is om hun eigen weg te gaan en om deze aarde te verlaten? Dikwijls wordt de mens zich na zijn dood bewust dat hij nog een weg af te leggen heeft en dat dit een heel zware weg kan zijn waar hij moeite mee heeft. Dan zit hij in een aarzeling en wanneer de mensen voor hem bidden, kan het licht naar hem toe komen en kan het zijn dat hij door dit gebed meer de indruk krijgt dat hij de weg naar dit licht samen kan gaan. Want mensen die bidden, kunnen in staat zijn om uit hun eigen lichaam te komen en naar die ander toe te gaan, en die ander kan dat zien. Samen kunnen ze dan op weg gaan naar het licht. Dit ten dele, want het is altijd zo dat de gestorvene toch een stukje van de weg alleen te gaan heeft, maar dat kan op enkele seconden gebeuren. Het is ook zo dat hij begeleiding kan vragen, en door het gebed rond hem is hij daartoe in staat en kan hij deze begeleiding ook krijgen. Dat betekent vaak dat hij dan vlugger naar zijn eigen gebied gaat. Dit heeft een heel grote betekenis.

De afbraak van de subtiele lichamen

De lichamen, de etherische en andere lichamen, kunnen dan vlugger ontbonden worden. Dat betekent een zekere zege voor deze aarde, maar niet altijd. Er zijn etherische lichamen die zeer verfijnd geweest zijn, door het leven van degene die op deze aarde geweest is. Bijvoorbeeld een genie kan een subtiel lichaam achterlaten dat op deze aarde blijft en dat zijn gaven in stand houdt. Wanneer dan iemand anders incarneert, kan hij dat etherisch lichaam naar die ander laten gaan, zodat die zijn talenten overerft - dat is allemaal mogelijk in het subtiele - terwijl hijzelf, dus het genie of de persoon zelf, wat je dan nog persoon zou kunnen noemen, overgegaan is naar zijn eigen sfeer.

Fragment uit Morya Wijsheid 3: God woont in je hart, blz. 169-174

Wijsheid 4Morya symboolDe dood is een trapje en meer is het niet

Ook al weet je dat je leven op aarde ten einde loopt en lijkt het alsof de dood het laatste woord heeft, als je met God in contact komt, dan weet je dat de dood niets betekent, absoluut niets betekent. Het heeft geen enkele zin om bang te zijn. De dood is een overgang. Net zoals je een trapje opgaat en dan op een andere trede staat, zo is ook de dood. Het is een stap van hier naar daar. Het is een opstijgen van het één naar het ander. Het is een drempeltje dat je overschrijdt, meer is het niet. Het is niets om wakker van te liggen. Iedere keer dat je gaat slapen, ken je de dood, want dit is hetzelfde.

Er is heel veel liefde in alles, ook in de dood, want de dood maakt weer open wat de mens liever gesloten wil houden. Als de mens doorgaat met zich op te sluiten in zijn ideeën, zal de dood op zijn weg komen om hem open te breken met als doel hem verder te brengen. Als de mens zich opsluit in een verharding, in een haat, in een liefdeloosheid, in een duisternis, in wat dan ook, dan zal het de dood zijn die dit openbreekt en die licht in zijn bestaan laat schijnen. De mens kan dit echter niet zien. Dat hoeft ook niet want hij zal het ondervinden, hij zal het ervaren. En zo is er in het leven heel veel duisternis die de mens openbreekt en naar het licht brengt.

Fragment uit Morya Wijsheid 4: Vertrouwen in jezelf, blz. 47-48

 

Wijsheid 6Morya symboolWanneer de mens sterft, is er ook weer een engel bij hem. Dikwijls is daar de engel des doods en dat betekent dan dat de mens niet alleen staat, maar dat hij voortgedreven wordt door de verschillende sferen heen naar de plaats die voorbestemd is. Het is niet angstwekkend om te spreken over de engel van de dood, want hij is degene die de mens begeleidt. Soms is het zo dat de mens denkt alleen te staan, maar wanneer hij de overgang van het leven maakt, is hij begeleid.

Fragment uit Morya Wijsheid 6: Ontmoeting met Engelen, blz. 155

Wijsheid 2Morya symboolJe hart en je leven zijn verbonden met elkaar. Je leven zal je steeds verder brengen in domeinen die je niet kent. Het is goed dat je leven verandert. Maar mensen willen dit soms niet en in zekere zin zijn ze bang om hun leven te veranderen. Ze zeggen dan: “Ik kan dat niet en ik moet een veiligheid hebben, een zekerheid, zodat ik een opbouw kan zien in mijn leven.”

Dikwijls gaat je leven niet over een opbouw maar over een afbraak. Je hoeft niet te schrikken wanneer dat gebeurt want het kan heel noodzakelijk zijn. In een afbraak is het dikwijls zo dat de oude dingen verdwijnen en dat je er toch aan vasthoudt en dat je dat jammer vindt. Achteraf zie je dan pas hoe leuk het is om met nieuwe dingen te starten en om anders te leven. Durf dat te zien. Als je in een periode zit van afbraak, van moeilijkheden, van dingen die uiteenvallen, moet je niet onmiddellijk in paniek raken. Dat is dikwijls de eerste reactie van mensen, dat ze aan het verleden vasthouden en zeggen: “Nu valt mijn hele wereld in duigen en ik had daar zo lange tijd voor gespaard of voor gevochten of ik dacht dat het zo of zo zou zijn.” Neen, wees niet vertwijfeld, probeer ernaar te kijken, durf te zien hoe het van je weggaat, en dan komt er bijna tegelijk een openheid in je. Je ziet iets van je weggaan, waar je van hebt gehouden en als je dat kan durven zien, dan is er een open ruimte in jezelf die zich bijna onmiddellijk opvult.

Wanneer je vecht tegen beter weten in, en zegt: “Dit is iets wat niet mag gebeuren”, dan sluit je je en kan er niets in de plaats komen. Dat is het grote verschil: als je in een openheid leeft en durft te kijken naar de dingen die van je weggaan en dat je daarmee durft te leven zodat je zegt: “Het is goed geweest en ik aanvaard het en ik vind het mooi” en al wat je wil, met dezelfde openheid vind je dan een nieuwe wereld die zich aan jou openbaart en die over het algemeen trager van start gaat maar veel dieper reikt. Dit moet je ook durven zien. Er is dan iets anders wat naar je toe komt wat een grote diepte geeft aan je leven. Dan ben je een stap vooruit.

Het leven kunnen aanvaarden

Veel mensen gaan niet mee in dit proces. Ze vechten daartegen en zitten te jammeren en te klagen. Ze sluiten zich in feite af en zo kan er niets nieuws naar hen komen. Dan is er de leegte van het verlies. Dat is de stilstand. Dat is de dood. Dat is iets wat niet aansluit op het leven. Dat is iets wat weggegaan is en wat je niet hebt laten weggaan en waar je ook niet van hebt kunnen genieten. Op deze manier kan het zijn dat je mensen uit je leven ziet verdwijnen: je vader, je moeder, je kind, wie dan ook en dat je die niet laat gaan. Bewaar alsjeblieft de openheid in je leven ondanks de grote dingen die er in je leven gebeuren die op afbraak wijzen, die op tegenstelling en op teleurstelling wijzen. Want daar ligt een enorme kans om in jezelf te komen en met jezelf te gaan leven in een totaal andere visie. Het is heel belangrijk dat je dit durft te doen. Mensen zullen je niet begrijpen. Ze hoeven je ook niet te begrijpen. Maar jij kan dan zoveel meer van het leven aanvaarden.

Je zal ontdekken dat je iets gewonnen hebt in het leven, een openheid die er anders nooit zou zijn gekomen en dat je daardoor - want dat is altijd het moeilijkste, je te openen voor het leven - dat je door deze openheid zoveel meer kan zien, gewaarworden en dat je met zoveel meer kan leven. Je leven is dan fundamenteel rijker geworden in plaats van armer. Dus er gaat iets van je weg, maar je krijgt een openheid die zoveel meer aankan en dit moet je durven zien.

Het Goddelijke een plaats geven

Het leven gaat met schokken, heb Ik gezegd. Het gaat niet stilletjes aan langzaam vooruit. Zo is het leven niet. Het leven is niet zo dat je denkt: ‘ik ben hiermee bezig, zoals een breiwerkje en dan komt de ene naald na de andere, de ene steek na de andere.’ Neen, zo is het niet. Ook niet als je al eens een steekje laat vallen, dat het dan weer opgenomen wordt. Neen, het leven is met catastrofen, dat wil zeggen: je naald breekt, of het breiwerk valt uit elkaar, of je zit zonder wol en je kan niet meer verder. Zo is het leven een beetje. Het gaat over grote dingen, grote energieën die ineens van je weggaan en die er dan niet meer zijn en over grote veranderingen die er komen. En dat kan altijd. Een land kan in elkaar storten, een gezin kan spaak lopen, een ploeg kan uit elkaar vallen, wat dan ook. Er zijn altijd onvoorziene omstandigheden waarmee de mens rekening moet houden en dit brengt een openheid in het leven. Dit brengt de grote openheid.

De grootste openheid die geboren kan worden vanuit de catastrofe is dat de mens open komt voor het Goddelijke en dat hij het Goddelijke een plaats geeft in zijn leven.

Waar grenzen vervagen en wegvallen

In veel gevallen is dit mogelijk. Waar de mens voor de catastrofe van de dood staat, komt heel dikwijls de opening naar het Goddelijke, waar het anders onmogelijk zou zijn. Dit is ook het belang van de dood en van het afscheid en van het heengaan: dat de mens op andere dingen gaat vertrouwen en andere dingen gaat zien; een grote openheid die weer een ander iets in zich draagt, namelijk dat men zichzelf wordt. Want door open te komen, wordt men steeds meer zichzelf. Men wordt nooit zichzelf door zich op te sluiten, door te zeggen: “Nu is het genoeg, dat zijn mijn grenzen en verder ga ik niet.” Neen, dat is de rem van veel mensen. Ze worden conservatief, ze gaan zich verharden in het leven. Ze gaan uitdrukking geven aan een bepaald facet van hun leven en daar houden ze dan aan vast, tot hun laatste snik. Dat is een verharding, dat is geen leven. Dat betekent dat ze eigenlijk niet weten waar ze mee bezig zijn.

Want gaat de mens evolueren, gaat de mens zich openstellen, dan pas kan hij beseffen wie hij is. Dat moet je voortdurend durven doen. Probeer voortdurend die openheid te beleven, aan alle kanten zonder grenzen leven. Als je naar de wereld kijkt, zie je daar heel veel grenzen en je ziet ook dat heel veel grenzen vervagen en wegvallen. Waar je dit ziet, moet je weten, is er een groter leven. Waar je grenzen ziet - en er zijn veel te veel grenzen - daar zie je de beperktheid van de mens.

Fragment uit Morya Wijsheid 2: De weg van eenvoud, 141-145